Deze week komt het hoger beroep van rapper en tv-presentator Ali B voor. Mediawetenschapper Simone Driessen onderzoekt de rechtszaak rond de gevallen ster. Zij kijkt met name naar de manier waarop Nederlandse en Vlaamse media en instituties zijn publieke imago in 2024 vormgaven. Haar onderzoek verschijnt in mei 2026 in het wetenschappelijk tijdschrift First Monday, in een speciale uitgave over zogenaamde 'despicable personas' — publieke figuren die van gevierd idool naar vervallen bekendheid.
Van 'Knuffelmarokkaan' tot 'seksueel roofdier'
Ali B (Ali Bouali, 43) was jarenlang een van de populairste publieke figuren van Nederland. Als rapper, tv-presentator en coach bij The Voice of Holland genoot hij brede sympathie. Drie vrouwen — zangeressen Ellen ten Damme en Jill Helena, en een anoniem slachtoffer genaamd Naomi — beschuldigden hem van ernstig seksueel wangedrag dat plaatsvond in precies die professionele kringen die hem beroemd maakten. Hij werd veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf voor twee gevallen van verkrachting, een vonnis waartegen hij in beroep is gegaan.
Ontkenning en zichzelf als slachtoffer neerzetten
Driessen analyseert hoe Ali B tijdens het proces consequent ontkende en zichzelf als slachtoffer van een "meedogenloos mediacircus" presenteerde. Hij stelde dat er sinds #MeToo "te veel aandacht is voor macht en machtsloosheid" en dat de vrouwen zich gebeurtenissen achteraf anders herinnerden. Wetenschappers noemen deze strategie 'himpathy': het verschuiven van aandacht naar het eigen lijden van de verdachte, ten koste van de slachtoffers. De rechtbank verwierp dit verweer expliciet en stelde dat de reputatieschade die Ali B opliep het gevolg was van zijn eigen strafbare gedrag.
De geloofwaardigheid van de slachtoffers
Een belangrijk thema in het onderzoek is geloofwaardigheid. De status van Ali B als geliefde publieke figuur maakte het voor de slachtoffers aanvankelijk moeilijker om serieus genomen te worden. Zo kreeg het verhaal van Naomi pas tractie nadat een onafhankelijke getuige zich meldde. In sommige publieke discussies werden de vrouwen weggezet als "groupies die niet mochten klagen" — een karakterisering die het juridisch team van de slachtoffers in de rechtbank uitdrukkelijk bestreed.
Mediabeeldvorming als motor van de val
Driessen laat zien hoe de media een actieve rol speelden in wat zij 'de-celebrificatie' noemt: het stelselmatig afbreken van iemands publieke status. De berichtgeving verschoof van neutraal naar moreel geladen. Koppen als "Van rapper tot verkrachter" en de term "seksueel roofdier" — voor het eerst gebruikt door RTL Boulevard en vervolgens breed overgenomen — droegen bij aan een verschuiving van juridische verslaggeving naar publiek moreel oordeel.
Na de veroordeling verwijderde publieke omroep Avrotros alle programma's van Ali B van zijn streamingplatforms. Een woordvoerder liet weten dat er "geen ruimte meer is om met hem samen te werken."
Beroemdheid biedt geen bescherming meer
Driessen concludeert dat de zaak van Ali B illustreert hoe beroemdheid in het post-#MeToo-tijdperk geen schild meer vormt tegen juridische en maatschappelijke gevolgen. De combinatie van getuigenverklaringen van slachtoffers, een gerechtelijk vonnis en kritische media bleek sterker dan zijn pogingen om zichzelf als slachtoffer van de ‘cancelcultuur’ neer te zetten. Daarmee voltooide hij zijn transformatie van een van de meeste sympathieke BN’ers naar een van de meest verafschuwde.
- Onderzoeker
