Een jaar Rotterdamse Schaal: meer houvast bij smartengeld

Een jaar na de publicatie van de Rotterdamse Schaal 2025 heeft de leidraad stevig voet aan de grond gekregen in de Nederlandse rechtspraktijk. De schaal, die in september 2025 verscheen, geeft rechters houvast door overzicht en aanknopingspunten te bieden voor de vaststelling van smartengeldbedragen. Een jaar verder durven de onderzoekers wel te spreken van een succes: “De schaal wordt inmiddels in meer dan duizend gepubliceerde uitspraken gehanteerd en wordt gebruik ervan expliciet aanbevolen binnen de Nederlandse rechtspraak.”

De Rotterdamse Schaal is het resultaat van een bijna drie jaar durend onderzoek, uitgevoerd door onderzoekers van Erasmus School of Law, in opdracht van de Raad voor de rechtspraak en gefinancierd door het Ministerie van Justitie en Veiligheid. 

Een nieuwe leidraad voor smartengeld 

Begin 2023 startten Marnix Hebly, Siewert Lindenbergh, Aster Schreuder en Willianne Oudijk, allen verbonden aan de Erasmus School of Law, met het opstellen van een schaal van letsels en andere gevallen waarin aanspraak bestaat op smartengeld. Per categorie wordt een bandbreedte gegeven voor passende bedragen en worden ook factoren benoemd die relevant kunnen zijn om een concreet bedrag binnen zo’n bandbreedte te bepalen. De Engelse Guidelines for the Assessment of General Damages in Personal Injury Cases en de Ierse Personal Injury Guidelines dienden daarbij als belangrijke inspiratiebron. 

Aanleiding voor het project was dat de vaststelling van smartengeldbedragen in Nederland al jaren onderwerp van discussie is. In de praktijk bestond behoefte aan meer inzichtelijkheid, meer consistentie en meer efficiëntie. Die behoefte werd versterkt door de grote toename van het aantal uitspraken van strafrechters waarin regelmatig smartengeld wordt vastgesteld. De onderlinge verschillen tussen uitspraken kwamen daardoor nadrukkelijker in beeld. 

Een voorbeeld van toepassing van de Rotterdamse schaal biedt een uitspraak van de rechtbank Den Haag waarin het ging om blijvend knieletsel na een verkeersongeval. De rechtbank Den Haag noemt de factoren die volgens de Rotterdamse schaal relevant zijn voor de omvang van het smartengeld in dit type gevallen: leeftijd, beperking van beweging of instabiliteit in het gewricht, de duur van het letsel en de daaruit voortvloeiende klachten, (risico op) degeneratieve veranderingen, prognose, mate van pijn, benodigde medische behandeling, cosmetische gevolgen, psychische gevolgen en weerslag op sociaal leven, tijdsbesteding en werk/opleiding van het slachtoffer. De rechtbank geeft daarbij ook aan dat het gaat om een jongvolwassen slachtoffer met blijvend letsel. Hiermee wordt het vast te stellen smartengeldbedrag verhoogd met 15%, zoals wordt aanbevolen in de rechterlijke aanbevelingen. In overleg met de partijen komt het smartengeldbedrag uit op € 58.500.  

Hebly zegt over de implementatie van de schaal: “Als je ziet hoe positief de schaal door velen is ontvangen, en hoe vaak deze in de rechtspraktijk wordt toegepast, dan bevestigt niet alleen dat er inderdaad behoefte was aan meer houvast en overzicht, maar ook dat we raak hebben geschoten door het Engelse en Ierse model te implementeren in Nederland. In de literatuur was al wel vaker in die richting gewezen, maar deze handschoen was nog nooit opgepakt.” 

Meedenken en draagvlak creëren 

In september 2024 publiceerden de onderzoekers een consultatieversie, om zo veel mogelijk input op te halen vanuit wetenschap en praktijk. Volgens Lindenbergh was dat van groot belang voor het slagen van het project: “De reacties die we kregen, zowel schriftelijk als tijdens consultatiebijeenkomsten, hebben ons geholpen om de schaal veel duidelijker en hanteerbaarder te maken. Belangrijk is dat we ook veel strafrechters en civiele rechters spraken. Men kon zien wat voor document eraan zat te komen, en kon bovendien ook nog meedenken. Dat lijkt ook weer aan een zeker draagvlak te hebben bijgedragen.” 

De in 2024 gepubliceerde versie werd al direct binnen en buiten rechte toegepast, ondanks dat deze slechts diende voor consultatie. 

 Aanbevolen vanuit de rechtspraak 

Sinds het verschijnen van de definitieve versie in september 2025 heeft het aantal gepubliceerde uitspraken waarin de schaal uitdrukkelijk wordt toegepast een hoge vlucht genomen. Ook in de buitengerechtelijke praktijk is de schaal een veelgebruikt hulpmiddel. 

Met het begin van dit jaar wordt hantering van de Rotterdamse schaal ook uitdrukkelijk aanbevolen in de rechterlijke ‘Aanbevelingen hanteren Rotterdamse schaal’ van het Landelijk Overleg Vakinhoud Civiel en Kanton (LOVCK), Landelijk Overleg Vakinhoud Civiel Hoven (LOVCH) en Landelijk Overleg Vakinhoud Strafrecht (LOVS).  

De rechterlijke aanbevelingen bevatten aanvullende instructies, bijvoorbeeld over hoe de schuld van de aangesproken partij kan worden meegewogen of hoe om te gaan met meervoudig letsel. 

Hebly wijst op de snelle verspreiding van de schaal in gepubliceerde rechtspraak: 
“Wie op de website van de rechtspraak zoekt, ziet dat er intussen meer dan duizend uitspraken zijn gepubliceerd waarin de rechter het smartengeldbedrag met behulp van de Rotterdamse schaal vaststelt. Dat is denk ik nog maar het topje van de ijsberg wat betreft het gebruik van de schaal: niet alle uitspraken worden immers gepubliceerd, en bovendien worden veel letselschadezaken buiten de rechter om geregeld.” 

 Onmisbaar: onderhoud is nodig! 

De Rotterdamse schaal is volgens de onderzoekers niet meer weg te denken in de personenschadepraktijk. Belangrijk is daarom dat de schaal goed wordt onderhouden en up-to-date blijft. Dat betekent niet alleen dat op termijn de in de Rotterdamse schaal genoemde geldbedragen moeten worden geïndexeerd, maar ook dat de genoemde categorieën, toelichtingen en factoren moeten worden herzien wanneer daartoe aanleiding bestaat. 

Hebly en Lindenbergh wijzen op de ontwikkelingen in Engeland en Ierland waar we in Nederland – opnieuw – van zouden kunnen leren, maar ook op de vele uitspraken van Nederlandse rechters die in een nieuwe versie verder richting kunnen geven aan de categorieën en bandbreedtes. Er is dus nog “werk aan de winkel”, aldus de onderzoekers. 

Wat hen betreft ligt het voor de hand dat het initiatief tot herziening vanuit de rechtspraak komt, maar is betrokkenheid van Erasmus School of Law vanwege de expertise en benodigde inzet onmisbaar.

Professor
Universitair Hoofddocent
Meer informatie

De Rotterdamse schaal 2025 kan worden gedownload op de projectpagina van De Rotterdamse Schaal.  

Een uitgebreid onderzoeksverslag is hier te vinden. 

Zie hier de ‘Aanbevelingen hanteren Rotterdamse schaal’.  

Gerelateerde content
De schaal biedt in één oogopslag een indicatie van een passend smartengeldbedrag bij lichamelijk en geestelijk letsel en andere persoonsaantastingen.
Rotterdamse Schaal 2025, Herman van Harten, Esmee Heuts, Rémy van Leest, Marnix Hebly en Siewert Lindenbergh
Marnix Hebly en Siewert Lindenberg verkennen de standaardisering van schadebehandeling in het strafproces en de stroomlijning van smartengeld.
Muntgeld

Vergelijk @count opleiding

  • @title

    • Tijdsduur: @duration
Vergelijk opleidingen